zaterdag 19 mei 2012



Woensdag 16 mei

Vandaag zijn de grote binnenwateren aan de beurt. Sluizendag dus – vier moeten we er hebben : de sluis van Veere tussen het kanaal door Walcheren en het Veerse meer, de Zandkreeksluis tussen het Veerse meer en de Oosterschelde, de Krammersluizen tussen de Oosterschelde en het Volkerrak en tenslotte de Volkerraksluizen tussen het Volkerrak en het Hollands diep. In alle sluizen werken we perfect samen, maar in de laatste gaat het eventjes verkeerd : door een communicatiestoornis gaan we beiden voor de zelfde bolder met het gekende geharrewar voor gevolg. Toch krijgen we uiteindelijk de boot zonder brokken te maken deftig afgemeerd.
Ook vandaag is het weer een koude dag met behoorlijk veel wind. Gelukkig blijft het ook meestal droog en zonnig. Om 17u45 liggen we vast in Willemstad – toch een dikke negen uur bezig geweest.
Dinsdag 15 mei 2012

Zelden geraak je in Oostende buiten zonder te moeten wachten op een ferry of ander vrachtvervoer. Ook nu weer hadden we prijs en dienden we een half uur toertjes te draaien. Lastig, want na het onweer van deze wacht, wou ik zo snel mogelijk weten waar we aan toe waren. Al bij al viel het reuze mee – de “pitten” waren te doen, de wind bleef rond de 4 Bf hangen en op en spatje nu en dan na, zijn we zelfs droog gebleven. Weinig punten voor moed en zelfopoffering gescoord dus en daar waren we best tevreden mee.
Reeds om 12u30 draaiden we de sluis van Vlissingen binnen – Dolf lag natuurlijk al te wachten – probeer den dezen maar eens bij te houden. Ook de bruggen op het kanaal door Walcheren werden vlot bediend, zodat we omstreeks 14u30 reeds in de jachthaven van Middelburg vastlagen.
Goed begonnen, half gewonnen ???

zondag 10 juli 2011

Zaterdag, 9 juli

Het weerbericht ziet er goed uit : (W)SW 4 – mer belle à peu agitée – weinig kans op neerslag en mooie opklaringen in de namiddag. Meer moet dat niet zijn – alleen de ‘pitten’ waren niet voorzien. Vraag me niet waar ze vandaan kwamen, maar ze waren er!
9u lang rollen we van boord tot boord en waggelen we als een zatte eend en met veel ‘issebochten’ naar ons doel. Wat zeggen de tegenstanders van onze edele sport ook weer : “zeilen is de minst comfortabele manier om ergens te komen, waar je toch niet wilt zijn” ? Soms – uitzonderlijk – hebben ze toch – een heel klein beetje – gelijk.
En dan zijn we in Le Havre – we liggen stil – rust – silence – peace at last.
Tijdens de ‘sundowner’ beslissen we om morgen namiddag naar Trouville te varen. Ook Honfleur zetten we nog op het programma voor we de Seinebaai verlaten. Of we daar ook nog internet zullen vinden, is de vraag. Het zou dus wel een tijdje kunnen duren voor we ons volgend verslag online krijgen.

vrijdag 8 juli 2011

We bestellen de oesters in de welbekende ‘garage’ en vragen aan de jonge dame hoe we die moeten openen. Haar demonstratie lijkt op een passage uit een misdaadroman : mes er in duwen, draaien en vervolgens met één doorgaande polsbeweging de sluitspier over snijden ! Dolf gebruikt voor deze laatste beweging een afzonderlijk patattenscheldertje en mij lukt het ook best op deze manier. Na enige moeite krijgt Jenny haar eerste oesters naar binnen en vindt ze best eetbaar-in ’t vervolg zullen er dus minder over zijn voor ons.
Tot vrijdag staat er slecht en winderig weer op het programma. Om nog wat van de streek te zien nemen we op donderdag de bus naar St Martin Varreville (nabij Utah Beach) en Carentan. Het wordt een leuk uitstapje, hoewel we van tijd tot tijd moeten gaan schuilen voor ferme regenbuien.

maandag 4 juli 2011

Maandag 4 juli

We blijven maar één nachtje in Cherbourg. Vandaag lopen we terug naar St Vaast.
Dolf en Christiane nodigen we uit aan boord van Zwerver, voor een oesterfestijn : les creux de St Vaast n°3. Jenny wil dit ook wel eens proberen en verkiest de boot boven het restaurant – binnenkort verslag van haar ervaringen.

Donderdag 30 juni

Op de laatste dag van juni, varen we naar Guersey. Omstreeks 9 u verlaten we Cherbourg. We hebben de stroom goed berekend en kunnen een 6 tal uur later al vastmaken aan de wachtsteiger te St Peter Port. Het is nog een paar uur wachten tot we over de drempel kunnen, maar we worden aangenaam beziggehouden met de manoeuvres van de aankomende jachten, die het havenpersoneel 6 rijen dik legt.
Eémaal binnen, rest er ons nog één taak : een Giant Cod&Chips verorberen in DE chippie van St Peter Port. Je wordt er door een stoïcijnse garçon bediend, alsof je op een klasse restaurant zit. En de Cod is inderdaad grooot en lekker.
Op vrijdag nemen we de bus voor ‘de ronde van Guersey’. We bezoeken het German Occupation Museum, wandelen langs de prachtige westkust, doen een terrasje – niets ontbreek om er een heerlijke vakantie uitstap van te maken.
Op zaterdag nemen we de ferry naar het eiland Herm en doen er de rondwandeling.
Herm is een prachtig, tropisch aandoend eiland, zonder verkeer en waar zelfs radio’s verboden zijn op het strand. Wat een rust !
’s Avonds leggen we de boten terug buiten de Victoria marina. We willen morgen een uur vroeger weg dan zou kunnen uit de jachthaven, om van de volle stroom mee te kunnen genieten tot Cherbourg.
Op 3 juni vertrekken we dan ook, volle vitesse terug naar Frankrijk. 13 knopen over de grond, zien we op een bepaald ogenblik op de gps verschijnen. Van een race gesproken zeg ! Toch maak ik nog een tactische fout, door dezelfde route te willen volgen als in het doorgaan. Hiermee kom ik rond Cap de la Hague in een tegenstroom terecht. Dolf die zich met de race naar buiten liet spoelen, neemt in geen tijd mijlen voorsprong – dedju, alsof ie anders nog niet rap genoeg is.
Net voor het aanlopen van Cherbourg, kruisen we nog Stressless – we wensen ze een goede reis over de VHF.

dinsdag 28 juni 2011





We blijven een dagje te Ouistreham liggen. In de namiddag trekken we met de fiets naar Pegassus Bridge – de eerste brug die door de geallieerden op D-day werd bevrijd.
Het cafeetje wordt nog steeds uitgebaat door de kleindochter van de madam van toen.
Aan de overkant van het kanaal zijn wat monumenten opgetrokken om aan te geven waar de gliders destijds landden – nogal indrukwekkend allemaal. Je krijgt meteen goesting om de ‘Langste dag’ nog eens te herbekijken.
Op 26 juni gaan we terug op stap. Om 8u30 kunnen we door de jachtsluis deze keer. Dolf ontsnapt ter nauwer nood aan de sluitende sluisdeuren, wanneer er voor hem flink geklungeld wordt door een paar ‘frogs’. Op zee staat de stroming sterk door,we moeten afremmen om niet veel te vroeg in St Vaast aan te komen. Het lukt niet helemaal, maar het wachten op het openen van de poorten wordt goed gemaakt door een schitterende dolfijnen show. ’s Avonds gaan we lekker eten in de Debarcadère – natuurlijk staan oesters op het voorgerecht. ’t Is zondag voor iets, niet waar ?
’s Anderen daags trekken we meteen verder naar Cherbourg. Met een kalme zee en de volle stroom in de rug, snellen we aan meer dan 8 knopen over de grond naar onze bestemming. Bij aankomst wordt meteen het nodige gedaan om het probleem met de schroefas koppeling definitief op te lossen. Op dinsdag voormiddag gaat de boot eventjes uit het water en wordt de koppeling vervangen. Kort na de middag liggen we reeds terug op onze plaats en is het euvel voltooid verleden tijd.